Onderzoek UA: corona bracht grootouders en ouders dichter bij elkaar

ANTWERPEN – Ondanks de coronamaatregelen hadden ouderen even vaak of zelfs vaker contact met hun volwassen, uitwonende kinderen tijdens de zomer van 2020 dan voor de uitbraak van de coronacrisis.

Vooral in landen waar er zeer strikte maatregelen van kracht waren, was er een hogere contactfrequentie dan voorheen. Dit blijkt uit gezamenlijk onderzoek van UAntwerpen, UGent en de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Verwacht werd dat de coronamaatregelen een obstakel zouden vormen voor familierelaties. Lokale besturen en tal van verenigingen waren bij aanvang van de coronacrisis vooral bezorgd om de familiebanden van 65-plussers, gezien hun grotere behoefte aan (zelf)isolatie na de virusuitbraak.

Uit Vlaams-Nederlands onderzoek blijkt nu echter dat Europese ouderen even vaak of zelfs vaker contact hadden met hun volwassen, uitwonende kinderen op het einde van de eerste coronagolf dan voor de pandemie. En dat is goed nieuws, want frequent ouder-kindcontact biedt bescherming tegen sociale isolatie en gevoelens van eenzaamheid op latere leeftijd.

De onderzoekers zien verschillende verklaringen voor hun bevinding. Dr. Katrijn Delaruelle, socioloog bij UAntwerpen Stadscampus en bij UGent: ‘We zien duidelijk een toename in contact per telefoon of via digitale media, in tijden waarin fysiek contact sterk ontmoedigd werd. Ook is het mogelijk dat ouderen vaker contact zochten met hun kinderen (of vice versa) dan voorheen, als een manier om met bekommeringen en angsten om te gaan. Tegelijkertijd kozen sommige ouderen er bewust voor om de kleinkinderen op te vangen, wanneer de scholen en kinderdagverblijven gesloten waren.’

Een laatste mogelijke verklaring houdt verband met de toegenomen nood aan informele zorg. Door de verminderde toegang tot de gezondheidszorg en thuiszorg, waren ouderen meer op hun kinderen aangewezen wanneer ze behoefte hadden aan ondersteuning.

Prof. Dimitri Mortelmans, gewoon hoogleraar aan de faculteit Sociale Wetenschappen UAntwerpen Stadscampus: ‘Deze laatste verklaring is belangrijk om verschillen tussen landen te begrijpen. In landen met zeer strikte coronamaatregelen – zoals Slovakije, Malta en Italië – waren ouderen en kinderen in sterkere mate op elkaar aangewezen voor informele zorg dan in landen met soepelere maatregelen. Dit heeft wellicht geleid tot een toegenomen mate van contact.’

De bevindingen van dit onderzoek zijn gebaseerd op data van een telefonische coronabevraging van de ‘Survey of Health, Ageing and Retirement’, kortweg SHARE. SHARE is een grootschalige, longitudinale survey die in 27 Europese landen wordt uitgevoerd bij 50-plussers. In deze studie werden enkel de antwoorden van meer dan 25 000 65-plussers met uithuiswonende kinderen in rekening gebracht.

Namens de UAntwerpen nam ook nog dr. Jorik Vergauwen, Ph.D en veldwerkcoördinator SHARE aan de Stadscampus deel aan het onderzoek. (EM / Foto UAntwerpen)

 

Related post