Duffels sporter van het jaar Kilian Meersmans denkt Olympisch


DUFFEL – In normale omstandigheden hollen we tussen november en februari van de ene sporthuldiging naar de andere. Corona zorgde er  voor dat in bijna alle steden, gemeenten en districten de huldiging werd afgelast. Zoniet in Duffel, die deden het zelfs twee keer: eind 2021 huldigde men de sporters van 2020, gisteren waren die van 2021 aan de beurt.

Je kan de vraag stellen of dit wel een goed idee is. Duffel telt meer dan 70 sportclubs maar uiteindelijk waren er maar zestien genomineerden, waarvan de helft dan nog leden waren van Duffel Atletiekclub, de huisleverancier. Bovendien waren er zeven categorieën waarin ofwel niemand of slechts één iemand genomineerd was. Een serieuze devaluatie van het gebeuren dus, maar, net als vorig jaar, kregen we wel een laureaat die zijn titel waardig is: Kilian Meersmans.

Kilian Meersmans (20) is een belofte in het wildwaterkajak. Hoe kan het anders met vader Hans die wereldkampioen is geweest. Vorig jaar werd hij, aan de zijde van Braim Vandecasteele en Leon Bogaerts, Europees kampioen rivierafdeling in de teamrace en werd hij tweede in het individuele nummer. Tijdens de verkiezing van de nationale belofte van het jaar werd Meersmans zowaar vijftiende.

‘Ik was pas zes toen ik al met kajak begon. Twee jaar geleden werd ik wereldkampioen bij de junioren. Ik trainde in Lier op de Nete en in Mechelen op de vaart. Ik ben trouwens lid van de Mechelse Kano Club’

Sinds enkele maanden is Meersmans echter overgeschakeld naar vlak water. ‘Wildwater is geen Olympische discipline, vlakwater wel. Ik probeer beiden te combineren maar zeg maar dat de verhouding ondertussen al zowat 90-10 is in het voordeel van het vlakwater. De mensen van de federatie vroegen vorig jaar om een test af te leggen en ik heb meteen ja gezegd want in Vlaanderen ligt de toekomst wel daar. Mijn doel is uiteraard om een sportcontract te krijgen. Dat dit kan bewezen Arthur Peters, Hermien Peters, Lize Broekx en Bram Sikkens. ‘

‘Met ons vieren krijgen we een doorgedreven training. Ik vorm een ploeg met Jules Van Geel – de snelste in ons kwartet – , Rafael Bastiaens (beiden zijn van Geel) en Tim Verduyckt uit Pelt. Die wonen dus in elkaars buurt maar ze studeren allemaal aan de Universiteit van Leuven. Dus trek ik één keer per week naar ginds om te oefenen en éénmaal per week gaan we met zijn vieren naar Hazewinkel. Ikzelf studeer voor industrieel ingenieur aan De Campus De Nayer in Sint-Katelijne-Waver. Alle vier hebben we ontdekt dat de combinatie studie-topsport de juiste is. Je hebt tijd om te trainen al mag je je studies niet verwaarlozen. Normaal ben ik in 2025 afgestudeerd, maar reken daar maar 2,5 jaar bij.’

‘In het voorjaar volgt een belangrijke selectietest. Dan legt de federatie een limiettijd op zodat we als K4 mogen starten in Wereldbekerwedstrijden – – dat zou normaal geen probleem mogen zijn – en de snelste van ons mag deelnemen aan de K1. ‘ Financieel scheelt de overgang van wild- naar vlakwater ook wel een stuk. ‘Nu betaalt de federatie mijn onkosten, voordien moesten mijn ouders dat doen. Ik hoop deel te kunnen te nemen aan de Olympische Spelen. Parijs 2024 komt te vroeg maar Los Angeles 2028 moet lukken.’

Edwin MARIËN

 


Related post