Arnaud De Lie doet wat van hem gevraagd wordt in Schaal Sels


MERKSEM – Schaal Sels is een wedstrijd met een traditie. Op maandag 23 mei 1921 ging de eerste editie van start als interclubkoers. Dat zou het ook blijven, tot in 1996. Op dat moment toonden de renners niet echt veel interesse meer in dit soort wedstrijden. De koers werd terug opgebouwd van onderuit, met vallen opstaan. In 2018 werd de Schaal Sels opgesplitst in Schaal Sels – over vlakke wegen in en rond Merksem – en de Antwerp Epic.

Die Schaal Sels new look kwam maar moeilijk uit de startblokken. In 2019 weigerden de renners zelfs aanvankelijk om de start te nemen omdat ze het parcours te gevaarlijk vonden. In 2020 en 2021 stak corona stokken in de wielen. Vandaag gingen de 120 renners pas om 14.30 uur van start voor een wedstrijd van amper 114 kilometer, netjes verdeeld over tien ronden. Een kolfje naar de hand van de Lotto-renners uiteraard, die nog steeds punten moeten sprokkelen om World Tour-ploeg te kunnen blijven. Arnaud De Lie (zie foto) ging dan ook als topfavoriet van start. Traditioneel viel de Schaal Sels samen met de Stroboerenmarkt, een feestmarkt op de Bredabaan.

Victor Campenaerts had voor de start gezegd dat hij wedstrijd hard zou maken maar aanvankelijk hoefde dat niet echt. De ontsnapping van de dag werd gevormd door de Nederlanders Timo de Jong en Joren Bloem – die later zou wegvallen -, de Amerikaan Robin Carpenter en de Nieuwzeelander Aaron Gate. Het peloton zorgde ervoor dat de voorsprong nooit meer werd dan één minuut maar nog voor het ingaan van de laatste ronde was de hergroepering een feit.

En toen kwam Campenaerts wel op de proppen. Hij reed kilometerslang aan de leiding van het peloton waardoor De Lie uiteindelijk won met de vingers in de neusgaten. De Lie klopte de Brit Chistopher Lawless van Total Energies en Kenneth Van Rooy van Sport – Vlaanderen – Baloise, niet toevallig renners van de drie teams die met ambitie aan de start verschenen.

Van Rooy (28) is afkomstig uit Arendonk. Hij is de oudste renner van Sport Vlaanderen – Baloise en rijdt al zeven jaar in dienst van de opleidingsploeg, wat zeer uitzonderlijk is. ‘Vandaag was het normaal een sprint voor Arne (Marit). De ploeg in zijn geheel heeft perfect gewerkt tot op een kleine kilometer van de meet. De koers was niet echt lastig. Daarom zaten er nog een heleboel renners bijzonder fris. In de voorbereiding van de spurt geraakten we elkaar wat kwijt. In de laatste bocht zag ik dat ik zelf moest sprinten. Ik had al gewerkt om Arne voorin te brengen maar toen ik hem kwijt was geraakt besefte ik dat ik het werk zelf zou moeten opknappen. Ik ben rap maar ik ben niet iemand die massaspurten zal winnen. Daar moet ik gewoon realistisch over zijn. Na een lastige koers – een Ardennenetappe bijvoorbeeld – wanneer we met zijn 30-en naar de meet gaan, dan zal ik mijn mannetje wel staan.’

‘Ik ben een renner die zowat alles aankan. Ik heb veel mogelijkheden. De wedstrijd vandaag was zeer kort maar kort betekent niet dat je geen mooie finale kan hebben. Of de koers nu 180 kilometer zou geweest zijn of bijna 120 zoals nu: het scenario zou toch identiek zijn geweest. Daar ben ik redelijk van overtuigd. Het enige verschil is dat de kans op valpartijen of pech uiteraard groter is wanneer de afstand langer is. Woensdag rij ik in Overijse, nadien volgt de kermiskoers in Geraardsbergen en dan de Tour of Britain. Een zeer mooi programma dus.’

Edwin MARIËN

 


Aanverwante berichten